Niets te verwijten.

Nadat lokaal VVD coryfee Rob van Reijswoud in het NHD had mogen uitleggen wat de voordelen van het raadsbrede akkoord waren, was het zaterdag de beurt van weer een ander VVD coryfee om de nadelen van het raadsbrede akkoord te benadrukken. Ik bedoel uiteraard wethouder Struijlaard.

Wethouder Struijlaart zag het ontbreken van een coalitie, die je door dik en dun de hand boven het hoofd houdt, als nadeel. Van Reijswoud hanteerde wijselijk een eufemisme en sprak over een gebrek aan informeel overleg.

Beiden bedoelen feitelijk hetzelfde. Het binnenskamers wegmoffelen van een verschil van opvattingen tussen de bestuurder en de toezichthouder.

Opdat de gewone burger zich van niets bewust is. Façade politiek dus, met als enig doel het ophouden van de schijn.

Verder stelt Struijlaart, dat hij was aangenomen om het REZ vlot te trekken. Dat is hem gelukt, zij het, dat het voorlopige resultaat geen schim is, van wat er ons ooit werd voorgespiegeld.

Om de aantrekkelijkheid van een verblijf op haar park en camping te verhogen legt Droomparken een strand aan, waarbij ze de kostprijs van die aanleg van de aankoopprijs van de grond mag aftrekken.

Zodat de inwoners van Enkhuizen betalen voor de aanleg een strand, dat een noodzakelijk onderdeel is van de recreatie mogelijkheid voor de parkbewoners.

Maar omdat de inwoners van Enkhuizen er ook zelf gebruik van mogen maken, nemen ze ruimhartig niet alleen de kosten van aanleg, maar ook (over 10 jaar) de kosten van onderhoud voor hun rekening.

Hetzelfde geldt eigenlijk ook voor het zwembad. De gemeente exploiteert het (tegen een kostprijs 6 ton per jaar), terwijl de recreanten op het Droompark er, tegen een sterk gereduceerd tarief, gebruik van mogen maken.

Van de 1300 meter strand is inmiddels nog maar 650 meter over en als de voortekenen ons niet bedriegen dan blijft er uiteindelijk nog zo’n 350 meter over.

De parkeergelegenheid, die door aanleg van park en camping verloren gaat wordt elders gecompenseerd.

Ook de kosten daarvan worden gedragen door de inwoners van Enkhuizen, omdat Droomparken ook die kosten van aanleg, in mindering mag brengen op de aanschafprijs van de grond.

Waardoor de grond (inclusief bouwvergunning) wordt overgedragen voor circa 1 à 2 euro de m2.

Struijlaart begrijpt niet, waarom er ten aanzien van deze voortreffelijk deal ook maar enig wantrouwen is ontstaan. De verslaggeefster kennelijk ook niet, zodat hem geen enkele kritische vraag over de inhoud van de deal wordt gesteld.

Dankzij Struijlaart’s manier van lostrekken van het REZ, loopt de gemeenten miljoenen aan inkomsten mis, maar geen woord daarover in het interview ter gelegenheid van zijn vertrek.

Het zijn voornamelijk de anderen die in zijn ogen steken hebben laten vallen en de krant vond die opvatting ogenschijnlijk interessant en waardevol genoeg, om er uitgebreid verslag over te doen.

Repercussies.

In de krant van vandaag stelt het Comité tot behoud van het Recreatieoord zichzelf allerhande vragen die ik graag voor ze beantwoord.

Over alle verkochte huizen bijvoorbeeld. Dat is een eeuwenoude verkooptruc met als doel schaarste te creëren en een prijs in de markt te zetten.

Het grootste deel van de huizen wordt aan investeerders verkocht, die het weinig kan schelen hoe het huis er uit ziet, als het maar verhuurbaar is. De prijs die in de markt gezet is voor Strandhuisjes is € 250.000 voor de kavel en zo’n € 300.000,- voor de woning zelf. Tel daar de BTW bij op, inrichtingskosten van de woning en tuin en dan hik je al gauw tegen de 7 ton aan.

Dat is een prijs die te vergelijken is met de adviesprijzen voor elektronica. U kent dat vast nog wel van vroeger, toen het internet nog niet bestond. Tv’s met een adviesprijs van € 2000,- die alleen bij winkelketen xyz voor € 1000,- te koop werden aangeboden. Totdat je ontdekte dat elke andere winkelier ze voor dezelfde prijs verkocht.

De opendagen waren bedoeld voor investeerders, dat zijn mensen met zoveel geld, dat ze makkelijk in staat zijn om een paar van die huisjes te kopen. Niet tegen de geadverteerde prijs natuurlijk, maar met een aanzienlijke korting.

Het ergste wat hun dan kan gebeuren is, dat ze ze zelf moeten verhuren, maar in de meeste gevallen slagen ze er in om ze voor die tijd met winst weer door te verkopen. Iedereen blij.

Droomparken heeft zijn financiering veilig gesteld. De investeerder heeft ook een paar centen verdient en de gemeente heeft het vakantiepark waar het al jaren met smart op zat te wachten.

Ik begrijp niet waarom het Comité zichzelf met dat soort van vragen kwelt en wat ze van de gemeenteraad verwacht.

De concessie tot herinrichting van het recreatieoord is ruim twee jaar geleden aan Orez bv verkocht. Zo dat al ongedaan te maken zou zijn, dan zal dat de gemeente zoveel geld kosten, dat ze aan die contractbreuk failliet zal gaan.

Hooguit kun je (wat je ziet als nadelige gevolgen) enigszins beperken, maar zelfs dat zal je niet in dank door iedereen worden afgenomen.

De uitbreiding van het openbaar gebied waarover de wethouder telkens weer opschept, bestaat in de eerste plaats uit een strand dat in de kustboog moet worden aangelegd. En juist tegen het aanleggen van de kustboog verzet het Comité zich.

Krijgt zij in haar verzet gelijk van de Raad van State, “so be it”.

Maar om te proberen Droomparken de voet dwars te zetten, door allerhande verdachtmakingen bij de gemeenteraad neer te leggen, vind ik dan weer niet zo’n geweldig idee. Dat leidt alleen maar tot repercussies.

Imago politiek.

Hoera, het is inderdaad waar wat wethouder Heutink vorige week dinsdag beweerde. Droomparken had inderdaad op 3 februari 2021 een vergunning aangevraagd. Klaarblijkelijk zonder enig concreet doel voor ogen.

Want op 2 maart had ze er (zonder tegen te stribbelen) mee ingestemd, dat het inmiddels door haar opgerichte informatiegebouw voor 1 april moest worden afgebroken.

Ook het afzeggen van de geplande verkoopmanifestatie (een dag voor ze zou beginnen) leverde voor Droomparken geen enkele probleem op. Boze tongen beweren dat de toekomstige klanten eenvoudigweg doorgeleid zijn naar de locatie op de camping, maar dat terzijde.

Waardering voor het krachtdadige optreden van locoburgemeester Luyckx, die niet aarzelde om de politie in te schakelden. Om aan de illegale verkooppraktijken van een notoire wetovertreder op resolute wijze een einde te kunnen maken.

Waarom ze illegaal waren heeft tot dusver niemand me kunnen uitleggen. Ook Droomparken niet. Maar als gezegd, de illegale activiteiten (zoals de verkoop van recreatiewoningen) gingen gewoon door en vond elders plaats.

Dank zij het wakkere optreden van de leden van het Comité Enkhuizerzand was het perfide Droomparken een lesje geleerd. De nieuwssite Enkhuizen Actueel vat het kort en krachtig samen Droomparken kruipt door het stof, ‘excuses’ en wil overleggen met Enkhuizen. En dat is precies wat onze raadsleden (en alles wat er omheen draait) graag willen horen.

Nu het valium van het raadsbrede akkoord haar verdovende werking lijkt te hebben verloren en er twijfel ontstaat over de doelmatigheid van de gemeente ten opzichte van de Droomparken, dient die twijfel met kracht de kop in worden gedrukt.

Enkhuizen en Droomparken hebben daarbij een gezamenlijk belang. Droomparken profileert zichzelf nu eenmaal veel liever als de timide uitvoerders van gemeentelijke opdrachten, dan als de gehaaide zakenlieden, die keer op keer de gemeente te slim af zijn.

Dat sluit aan bij de gemeentelijke behoefte om zich te willen profileren als een doelmatige organisatie, die (ook al is het eigendom van het recreatieoord in andere handen overgegaan) aldaar nog steeds de touwtjes in handen heeft en druk doende is met het voeren van de regie.

Kortom imago politiek behorende tot de “buiten” categorie.

Op 16 maart komt de raad weer bijeen over het recreatieoord en zullen we weten of deze commedia dell’arte zijn werk heeft gedaan.

Hand in hand struikelen.

Benieuwd naar hoe de commissie BOFS met het begrip geheimhouding zou omgaan heb ik gisteravond dat onderdeel beluisterd en bekeken.

Zou U ook moeten doen om een indrukt te krijgen. Deze link aanklikken en dan naar agendapunt 7. Raadsvoorstel Geheimhouding krediet IKC. Duurt net geen 18 minuten.

Een beetje verwarrende discussie, omdat college en raad een aantal zaken door elkaar halen. Hoewel de reden voor geheimhouding redelijk en begrijpelijk is, stelt het college de bekrachtiging van haar besluit (tot geheime behandeling) op het verkeerde moment aan de orde bij de verkeerde instantie (de commissie).

Pas nadat de raad een besluit heeft genomen (het krediet heeft verstrekt) is het aan de raad om te besluiten, of de (door het college opgelegde) geheimhouding in stand moet blijven.

De reden voor geheimhouding is vrij logisch, het college wil de hoogte van het door de raad te verlenen krediet geheimhouden, totdat de opdracht is gegund.

Wat mij betreft niks mis mee. Waarom zou je aannemers al bij voorbaat laten weten hoe ver je bereid bent te gaan, voor wat betreft de aanneemsom.

Door het krediet (dat je beschikbaar gesteld hebt) meteen al rond te bazuinen?

Niks aan de hand dus, maar dan begint het college met het geklungel en trekt daar de raad in mee. Mogelijk gemaakt, omdat de raad zich (net als het college) onvoldoende in het onderwerp heeft verdiept.

De wet geeft het college de bevoegdheid de raad geheimhouding op te leggen. Wat de raad daar ook van mag vinden doet niet ter zake. Krachtens de wet heeft het college die bevoegdheid en mag ze die gebruiken (moet ze die gebruiken) wanneer haar dat zinvol lijkt.

Daar staat echter tegenover, dat de raad, als het college van haar bevoegdheid gebruik heeft gemaakt (en geheimhouding heeft opgelegd) in de eerstkomende vergadering besluit of het gebruik van die bevoegdheid door college terecht is geweest.

Meent de raad dat dit inderdaad het geval is geweest, dan bekrachtigt ze (als hoogste instantie binnen de gemeente) het besluit van het college. Doet ze dat niet dan vervalt de geheimhouding van rechtswege.

Van rechtswege wil zeggen, je hoeft niets te doen om een (door het college opgelegde) geheimhouding ongedaan te maken, dat gebeurt vanzelf, tenzij je stappen neemt om het tegendeel (geheimhouding) te bereiken.

De natuurlijke staat der dingen is namelijk “openbaar”. Alleen als je daar van wilt afwijken, dan dient niet het college, maar de hoogste instantie binnen de gemeente daarover een besluit te nemen.

Van een voortdurende geheimhouding is pas sprake, als de raad het voorlopige besluit tot geheimhouding (van het college) heeft bekrachtigd.

Deze onwetendheid bij college en raad speelt ook een rol bij mijn verzoek om inzage in het taxatierapport. Wat door het college geheim was verklaard, maar waarvoor het college geen bekrachtiging had gezocht bij de raad. Waardoor de opgelegde geheimhouding (van rechtswege) weer was opgeheven.

Met andere woorden, het taxatierapport was dus niet langer geheim en de weigering van het college was ongegrond en onrechtmatig.

Wanneer ik deze opvatting in de hoorzitting aan het college voorleg komt men met de mededeling, dat het college alleen geheimhouding aan zichzelf had opgelegd en niet aan de raad.

Met als conclusie dat de raad haar dus niet kon opheffen. Opnieuw een misinterpretatie van een wetsartikel waarin bepaald is, dat de instantie die geheimhouding heeft opgelegd, ook de instantie is die haar weer dient op te opheffen.

De redenatie, dat de raad niet bevoegd zou zijn geheimhouding op te heffen is klinkklare onzin. Zou ze namelijk juist zijn, dan zou elk college in staat zijn om elk willekeurig document (door zichzelf daarover geheimhouding op te leggen) aan het zicht van de raad kunnen onttrekken.

Met als gevolg dat de raad haar taak als toezichthouder niet meer naar behoren zou kunnen vervullen. Een absurde redenering, maar wel een die ogenschijnlijk in Enkhuizen diepe indruk heeft gemaakt op het Presidium en de griffier.

Het probleem met college en raad is, dat men beleid voert en besluiten neemt, met behulp van drogredenen, maar dat de raad tegelijkertijd veel te eigenwijs en veel te zelfgenoegzaam is om kritiek daarop (van derden) serieus te nemen.

Liever struikelt men (hand in hand met het college) naar het volgende debacle.

Fatsoensrakkers.

Gisteren is ook mijn tweede column over Jij-bakken van Facebook verwijderd. Het heeft daarom geen zin om op Facebook een link naar deze column te plaatsen, omdat de gang van zaken zich zal herhalen.

Jij-bakken is een methode om kritiek onschadelijk te maken, door de criticus verdacht te maken. Lukt dat, dan treft de kritiek niet langer doel en vervalt de noodzaak (voor de gevestigde orde) om te veranderen.

Kritiek kan worden opgedeeld in twee soorten, positieve en negatieve kritiek.

Positieve kritiek is kritiek die geen bedreiging vormt voor de gevestigde orde, terwijl negatieve kritiek veranderingen beoogt, waartegen de gevestigde orde zich het liefst tegen wil verzetten.

Als de gevestigde orde zegt het leveren van kritiek aan te willen moedigen en toe te juichen, dan bedoelt ze uitsluitend positieve kritiek die haar positie niet aantast, maar haar positie zelfs zal versterken.

Ik heb de afgelopen 10 jaar kritiek geleverd op het lokale bestuur van Enkhuizen. Die kritiek betrof in hoofdzaak de door B&W en Raad gegeven voorstelling van zaken, als mede de door hen beide gevolgde procedures.

Als voorbeeld van een gevolgde procedure, bij verkoop van een aanzienlijke hoeveelheid grond dient de raad in staat gesteld te worden om bedenkingen tegen die verkoop naar voren te brengen. Bij de verkoop van grond in het recreatieoord aan de ontwikkelaar heeft het college de raad die mogelijkheid (zoals vastgelegd in artikel 169.4 van de gemeentewet) onthouden.

Als voorbeeld van een door B&W gegeven voorstelling van zaken. Tijdens de verbouwing van de Drommedaris betoogde B&W (aan de hand van een offerte) dat de verzwaring van het elektra-netwerk € 100.000,- had gekost.

In werkelijkheid bedroegen de kosten van verzwaring van het elektra-netwerk niet meer dan meer € 25.000,- en was men van zins de resterende € 75.000,- aan geheel andere zaken uit te geven.

Ik weet niet beter of ik heb als Nederlander het recht om mij kritisch te mogen uitlaten over het doen en laten van de overheid.

Maar een tweetal Marokkaanse medelanders denkt daar anders over en meent, dat kritiek op de overheid neerkomt op “riooljournalistiek”.

En dat het hun taak is om de leden van de Facebookgroep “Je bent een echte Enkhuizer als” tegen deze “riooljournalistiek” te beschermen.

Tot mijn verbazing is de moderator van deze groep het met hun redenatie eens en zijn een tweetal links naar mijn blog verwijderd.

Ik ben benieuwd welke verdere beperkingen op ons recht op vrije meningsuiting deze beide fatsoensrakkers nog voor ons in petto hebben.

De weg kwijt.

De SP Noord-Holland heeft een website waarop provinciaal nieuws wordt vermeld. Dat nieuws is geordend in diverse dossiers. Ik heb de dossiers “recreatiegebieden en natuur” en “ruimtelijke plannen van gemeenten” even doorgenomen.

Hoewel de Enkhuizer SP van alles en nog wat over het REZ beweert lijkt niets daarvan te zijn doorgedrongen tot de provinciale SP.  In weerwil van het feit, dat de partner van SP fractievoorzitter (in Enkhuizen) Keesman, het statenlid Hoogenvorst is.

Geen woord over het Enkhuizerzand in beide provinciale dossiers, terwijl het toch voor de hand zou liggen, dat (rond de keukentafel) het duo Keesman/Hoogervorst elkaar op de hoogte zouden houden van een en ander.

Ook al omdat Hoogervorst (in partijbijeenkomsten) de zijde van Keesman had gekozen en daarbij had toegezegd, het provinciale wangedrag tot op de bodem te zullen uitzoeken.

Helaas, niets daarover op de provinciale SP website. Wel een oproep aan de provincie om niet te zwichten voor een projectontwikkelaar, die in Schagen 40 huizen wil bouwen op 3 ha. Ter vergelijking, in Enkhuizen willen ze er 200 bouwen op 8 ha en dat noemen ze dan nog steeds verblijfsrecreatie.

De gemeente Schagen stapt naar de rechter als de provincie niet toegeeft, in Enkhuizen doet men (nu wel met steun van de SP) hetzelfde. Om de provincie er van te overtuigen dat er, na de bouw van 200 woningen, nog steeds sprake is van een recreatiegebied voor de Enkhuizers.

Kortom, mij bekruipt het gevoel, dat de Enkhuizer SP volledig de weg kwijt is.

Stolk, die het raadsbrede akkoord een onding vindt, maar er wel gewoon aan meewerkt. Hoogervorst die de staten oproept niet te zwichten voor een projectontwikkelaar, maar tegelijkertijd vals spel roept, als de provincie niet zwicht in de kwestie waar zijn partner  bij betrokken is.

En dan is daar Keesman, de lokale SP hotemetoot, grote voorstander van de onderhandse gunning aan Peter Tuin CS, die geen enkele kritische vraag stelde over de relatie tussen P. tuin CS en Droomparken, maar wel allerlei complotten zag tussen provincie en ZZM.

Die het verstandig vindt, dat je de ruimtelijke indeling van een gebied, (tegen het advies van de provincie) eerst overeenkomt met een projectontwikkelaar, voordat je het in een bestemmingsplan vastlegt

Die informatie, die openbaar is (de verkoopprijs van onroerend goed) op verzoek van het college als vertrouwelijk blijft behandelen.

Zaken waarvan de SP in het verleden altijd zei, dat ze er niet aan zou meewerken, maar waar ze (nadat ze even aan de macht heeft mogen ruiken) zonder aarzelen toch gewoon wél aan meewerkt.

 

 

Trekpoppen

Tijdens de laatste raadsvergadering van het jaar kwam het REZ weer even ter sprake. Door middel van een motie vreemd aan de orde van de dag.

De motie kunt u hier lezen. Ze draagt het college op het volgende te doen.

  1.  om met het oog op noodzakelijke goede bestuurlijke verhoudingen, alles in het werk te stellen om langs de weg van intensief diplomatiek overleg met gedeputeerde staten tot een oplossing te komen;
  2. om daarnaast voorbereidingen te treffen voor het inzetten van alle juridische instrumenten, waaronder bezwaar, beroep, en voorlopige voorziening, binnen de termijnen die de wet hieraan stelt en gaat over tot de orde van de dag.

Deze opdracht is door alle fracties (met uitzondering van het CDA) ondertekend.

Als reden voor de motie noemt de raad een aantal gebeurtenissen waarbij ze niet zelf aanwezig is geweest. Een daarvan is de bijeenkomst van 19 november waarin onze burgemeester meent op onjuiste wijze te zijn bejegend door de gedeputeerde van de provincie.

Over die bijeenkomst is een raadsbrief geschreven die u hier kunt lezen. In die brief  beweert B&W iets opmerkelijks. Namelijk, dat de gemeente was uitgenodigd door de gedeputeerde voor een bespreking, maar dat die geweigerd had om de delegatie uit Enkhuizen (onder leiding van burgemeester Eddy van Zuijlen) te woord te staan.

In de wandelgangen wordt beweerd, dat onze burgemeester zich in zijn waardigheid voelde aangetast. Wat geloofwaardig klinkt en voeding geeft aan de gedachte dat deze motie een overhaaste poging tot eerherstel van de burgemeester is.

Vanwege die opmerkelijke bewering van het college heb ik aan wederhoor gedaan en de gedeputeerde gevraagd of de raadsbrief een correcte weergaven bevatte van de gang van zaken. Die liet via zijn woordvoerder weten, zich niet te herkennen in hetgeen door B&W op schrift was gesteld’.

Er zijn dus twee versies van de werkelijkheid. De raad is er zo van overtuigd dat haar versie (binnenskamers ingefluisterd door het college) de juiste is, dat ze het college heeft opgedragen om haar gelijk (en dat van het college) desnoods voor de rechter uit te vechten.

Na zich 4 jaar lang niet met de uitvoering te hebben bemoeid, ziet de raad plotseling wel reden om zich er mee te bemoeien. En geeft ze (op basis van gekunstelde argumenten en kennis waar ze niet zelf over beschikt) opdracht om te gaan procederen.

Over de gekunstelde argumenten een andere keer, maar in plaats van de bewering van het college op juistheid te beoordelen neemt de raad ze klakkeloos over en toont zo voor de zoveelste keer aan wat haar taakopvatting is. Met uitzondering van het CDA lijkt de Enkhuizer raad te willen fungeren als trekpop voor het college.

Want als het college ook maar een seconde had gedacht, dat deze motie een bruikbare weg voorwaarts zou zijn, dan had ze de raad een voorstel gedaan.

Nu verstrekt de raad een opdracht. Het verschil is, dat als deze opdracht nergens toe zal leiden, hetgeen in de lijn der verwachting ligt, het college niets valt te verwijten. Men voert immers een opdracht van de raad uit.

Deze motie zal, zoals Van Galen terecht opmerkte, de verhouding met de provincie alleen maar doen verslechteren en de in het vooruitzicht gestelde procedures zullen alleen maar verdere vertraging opleveren en kosten met zich meebrengen.

 

Dubbeldenk en alternatieve feiten.

In aansluiting op mijn voorgaande column. orwell3Orwell geeft zelf een paar voorbeelden van “doublethink” ofwel “dubbeldenk”.

De combinatie van begrippen die gelijktijdig niet waar kunnen zijn, maar wel de suggestie vormen voor een diepere waarheid. Zoals “domheid is kracht”.

Ik herinner me zo’n slogan ten tijde van de Vietnamoorlog . “Fighting for peace”, die al snel werd ontmanteld door haar te vergelijken met een soortgelijke slogan  “fucking for virginity.”

In Orwell’s fabel “Animal farm” evolueert de oorspronkelijk slogan “Alle dieren zijn gelijk” naar uiteindelijk “Alle dieren zijn gelijk, maar sommigen zijn meer gelijk dan anderen”.

Ik vermoed, dat het vermogen tot dubbeldenk één van de belangrijkste kwaliteiten van een goed politicus is.

In een eerdere column beargumenteerde ik het bestaan van twee waarheden. Allereerst een ambtelijke waarheid, die berust op een waarheidsgetrouwe weergave van hetgeen is afgesproken en vervolgens een politieke waarheid.

Dat laatste is het deel van de ambtelijke waarheid, dat een politieke ambtsdrager nuttig en noodzakelijk vindt om naar buiten te brengen. In dit geval, genoeg om de raad er toe te bewegen een besluit te nemen. Want dat is de primaire taak van de raad. Het nemen van besluiten.

Gewoonlijk is de politieke waarheid voldoende om een besluit te nemen, maar soms is het nodig om kennis te nemen van de ambtelijke waarheid. Die is vastgelegd in wat men de “onderliggende stukken” noemt. De ultieme bron van informatie op basis waarvan het raadsvoorstel is geschreven. Als die ambtelijke waarheid ontbreekt, is er per definitie reden tot zorg.

Een zorg die elke (zichzelf serieus nemende gemeenteraad) tot uitdrukking behoort te brengen door middel van een daarvoor geschikt raadsinstrument. Een motie van wantrouwen of een motie van treurnis. Dit nalaten vormt het bewijs van een gering besef van democratische normen en waarden.

Gezagsdragers die tolereren dat ze worden voorgelogen verliezen hun gezag.

Klaarblijkelijk neemt de gemeenteraad van Enkhuizen zichzelf niet serieus, maar is men wel beledigd, als dat op basis van feiten wordt geconstateerd.

Elk raadsvoorstel is per definitie een politieke waarheid, die feiten bevat, maar soms ook “alternatieve” feiten kan bevatten. Dat wil zeggen feiten die alleen feiten zijn in de ogen van degene die ze als zodanig presenteren. Ik heb in talloze columns op dit blog een serie feiten ontmaskerd als zijnde “alternatieve” feiten.

orwell4Wat mij teleurstelt is het onvermogen van raadsleden om, zelfs als ze daar op geattendeerd worden, in staat te zijn om een onderscheid te maken tussen feiten en “alternatieve” feiten en dat ze uit schaamte daarover liever het hoofd in het zand steken. Voor een deel vloeit dat voort uit gemakzucht.

Ik weet niet hoeveel fracties het dossier, dat de gemeente aan hun ter inzage heeft gegeven, ook daadwerkelijk hebben ingezien. Maar te oordelen naar hun bijdragen tijdens de raadsvergaderingen, lang niet allemaal.

De raadsvoorstellen aangaande de afronding van het Drommedarisproject, zijn een mengelmoes van feiten en “alternatieve” feiten. Hetgeen verklaart, waarom er vanuit de raad zulke uiteenlopende opvattingen zijn geformuleerd.

Een mengelmoes van feiten en alternatieve feiten leidt gewoonlijk tot dubbeldenk. In dit geval werd er beweerd, dat de kosten van elektraverzwaring in de Drommedaris, zowel € 20.000,- als € 60.000,- bedroegen. Hoe moeilijk is het om te beseffen dat beide niet gelijktijdig waar zijn kunnen zijn?

Wellicht dat deze korte uitleg over de begrippen “dubbeldenk” en “alternatieve feiten” onze raadsleden er toe aanzet om de bestaande bestuurscultuur te veranderen.