Geen kaas van gegeten

Kooiman
Geen kaas van gegeten

Gewoonlijk worden de bijdragen van CU/SGP vooraf uitgeschreven en vervolgens door Klaas Kooijman tijdens de raadsvergadering voorgelezen. Ook deze keer.

Wat er is voorgelezen is op de website van CU/SGP geplaatst onder de pakkende titel “De laatste ton van de Drom”.

Men eindigt het betoog met “we hopen op deze manier recht te doen op basis van feiten in plaats van aannames.” Maar kent de CU/SGP eigenlijk wel het verschil tussen feiten en aannames?

Het gaat in de tweede alinea meteen al mis. Men stelt, uiteindelijk is het werk toch uitgevoerd en ligt er een rekening van de aannemer. Dat is een aanname. Het is een logische aanname, want iedereen stuurt een factuur nadat hij zijn werkzaamheden heeft voltooid.

Om die reden heeft Langbroek ook gevraagd om die factuur ter inzage te krijgen. Iets wat ze bij de CU/SGP niet noodzakelijk vonden. Omdat bij hen elke aanname tot feit verklaard wordt als dat in hun betoog van pas komt.

Het kan niet anders dan een aanname zijn omdat de wethouder bij hoog en bij laag beweert dat die factuur er niet is. En dat hij hem (om die reden) ook niet ter inzage kan geven. Kan die bewering juist zijn?

Jazeker, als de wethouder de factuur na aankomst heeft verscheurd, dan spreekt hij de waarheid als hij zegt dat hij hem niet heeft. Maar is zijn bewering het bewijs dat de aannemer hem (tegen elke logische aanname in) niet heeft verzonden? Uiteraard niet.

Het enige feit dat hier kan worden vastgesteld, is dat de wethouder iets heeft beweerd waarvan de juistheid niet kan worden vastgesteld.

Heeft de wethouder er belang bij dat de juistheid van zijn bewering niet kan worden vastgesteld? Jazeker, als de factuur een ander bedrag toont dan hij aan de raad heeft voorgelegd met behulp van de offerte, dan valt zijn bewering over een met de aannemer bereikt compromis in duigen.

Is het waarschijnlijk dat die factuur een ander bedrag zou tonen dan de offerte? Jazeker, want de offerte was gebaseerd op aanleg nadat de Drommedaris was ingericht, terwijl de aanleg plaatsvond voordat de Drommedaris in gebruik was genomen.

Het kan dus bijna niet anders of er zal een aanzienlijk verschil zitten tussen de offerte en hetgeen er daadwerkelijk in rekening is gebracht. Ik schat zo’n € 40.000.-.

Hetzelfde bedrag waarvan de wethouder beweert dat het een compromis is.

Bestaat er een bewijs voor dat compromis? Nee, want de wethouder beweert dat hierover geen schriftelijke correspondentie is gevoerd.

Kortom, het CU/SGP doet een volstrekt logische aanname, die door de wethouder wordt betwist zonder dat hij daarvoor enig bewijs kan leveren. Immers zijn daaropvolgende bewering is dat elke correspondentie over dit onderwerp ontbreekt.

Die bewering (meer is het niet) kan juist, dan wel onjuist zijn.  

Als zij juist is, dan zou het vertrouwen in de wethouder moeten worden opgezegd, omdat hij bewezen heeft niet in staat te zijn een project op administratief correcte wijze te kunnen uitvoeren. Als ze onjuist is, dan zou hetzelfde dienen te gebeuren, omdat hij onwaarheden als waarheid verkondigt.

Men vervolgt met de bewering van de wethouder (en de stichting) dat zij geen opdracht hebben verstrekt. Het is wederom niet meer dan een bewering, omdat de juistheid er van niet kan worden vastgesteld. De CU/SGP meent echter dat het hier om een feit gaat.

Omdat het bewijs van het tegenovergestelde in het dossier ontbreekt. Maar iets wordt geen feit als het bewijs voor het tegenovergestelde ontbreekt. Iets wordt een feit als daar het bewijs voor wordt geleverd. Iets als feit beschouwen zonder dat er het bewijs voor is geleverd, is een aanname.

Maar het wordt nog mooier: Wat ons echter tegenhoudt is het feit dat de stichting de opdracht niet heeft kunnen geven, omdat zij hier niet toe bevoegd was. 

Hier wordt het bewijs van een feit ontleend aan de vraag of men bevoegd is. Op basis van deze redenatie komt criminaliteit in Nederland niet voor. Er is namelijk niemand bevoegd om de wet te overtreden en daarmee is het bewijs geleverd dat de wet niet wordt overtreden.

Tot slot, We zijn dus uiteindelijk toch tot de keuze voor optie 1 gekomen omdat (zoals eerder genoemd) de wethouder heeft gezegd dat er geen opdracht is verstrekt, wat ons inziens ook overeenkomt met de informatie in het dossier.”

Wederom dezelfde drogreden, de wethouder heeft iets gezegd, we zijn in het aan ons voorgelegde dossier niets tegengekomen dat in tegenspraak is met hetgeen hij heeft gezegd (surprise, surprise), dus wat hij zegt kan niet anders dan waar zijn.

Aardige mensen daar bij de CU/SGP, maar van logisch redeneren hebben ze overduidelijk geen kaas gegeten.

 

Auteur: Pim

Hoe lang blijft een democratie nog een democratie, als alleen het recht van de sterkste geldt?

3 gedachten over “Geen kaas van gegeten”

  1. Hartelijk dank voor je uitgebreide aandacht voor onze raadbijdrage over de Drom.

    Allereerst moet ik je gelijk geven als het gaat om de situatieschets, de toelichting op onze raadbijdrage. Het woord rekening/factuur is hier niet de juiste woordkeuze. Wel is het zo dat de aannemer naar zijn mening een bedrag van €60.000 van de gemeente en/of stichting wil ontvangen voor de extra verzwaring van het elektriciteitsnetwerk.

    Het komt vervolgens op de vraag aan of wij de wethouder vertrouwen als hij zegt dat er geen factuur is. In de stukken die aan raad- en commissieleden ter beschikking zijn gesteld blijkt nergens dat er een factuur is. Wat we wel hebben gezien is een offerte die in 2015 is gemaakt. Deze heb jij laatst in één van je columns ook uitgebreid belicht.

    In het Noord Hollands Dagblad van 6 juli geeft de aannemer ook aan dat hij zelf heeft besloten voor eigen rekening de verzwaring aan te leggen. Wij nemen in eerste instantie de verklaring van de aannemer wel aan als feit. En wij vertrouwen de wethouder als hij zegt dat dit zo is. Als de aannemer besluit om naar de rechter te gaan is dit zijn goed recht. Dan zal uiteindelijk blijken wat de waarheid is.

    En nu het punt dat de stichting de opdracht niet heeft kunnen geven: Hiermee zeggen we niet dat ze geen mondelinge toezegging konden doen, maar zij waren niet de partij waar de aannemer zaken mee deed als het ging om deze elektra verzwaring. Dit hadden ze alleen kunnen doen als ze hiervoor ook financieel de verantwoordelijkheid voor zouden dragen. Nergens blijkt dat dit zo is en de aannemer geeft ook zelf aan dat dit niet zo is.

    Mocht het nu toch zo zijn dat er mensen halve waarheden vertellen is dit niet onze verantwoordelijkheid, die ligt voor henzelf. Maar tot het tegendeel blijkt, willen we hier niet vanuit gaan.

    Like

    1. Het feit dat er in het door de gemeente samengestelde dossier wel een offerte zit, maar niet een factuur doet bij mij het vermoeden rijzen dat het dossier niet volledig is. Zeker als de offerte betrekking heeft op een situatie die zich niet heeft voorgedaan. Namelijk aanleg na inhuizing.

      Het begrip “eigen rekening” is tamelijk misleidend. Het suggereert namelijk dat de betrokkene geen aanspraak zal maken op beloning voor de uitgevoerde werkzaamheden. Maar dat doet hij wel degelijk en sterker, de gemeente heeft die aanspraken erkent. Het vormde de grondslag voor een kredietaanvrage van € 100.000,-.

      Ik denk dat de gang van zaken beter is omschreven als, de aannemer besloot (gegeven de impasse over de uiteindelijke betaling tussen de gemeenten en toekomstige huurder) toch tot aanleg. Daarbij overwegende dat de aanleg noodzakelijk was wilde men tot een exploitabele oplevering komen en verwachtende dat het geschil tussen opdrachtgever en toekomstige huurder (waar hij verder niets mee van doen had) zich uiteindelijk zou oplossen.

      Met andere woorden de aannemer handelde te goeder trouw en bespaarde zijn opdrachtgever een bedrag van € 40.000,- door niet na inhuizing, maar voor oplevering de noodzakelijk geachte werkzaamheden uit te voeren. https://nl.wikipedia.org/wiki/Goede_trouw

      Gegeven het feit dat de aannemer te goeder trouw handelde, er volgens het krantenartikel ook overleg is geweest tussen partijen en de gemeente ook het gebruikelijke toezicht heeft gehouden op de aanleg (Agora) zal de gemeente geen poot hebben om op te staan in geval het tot een rechtszaak zou komen.

      Die komt er volgens mij niet, want de gemeente heeft allang eieren voor haar geld gekozen door de aannemer op tijd te betalen. Maar formeel mocht zij dat niet. Mede dank zij een motie die in 2015 ook door jou partij werd gesteund. Ik zei daar toen van dat je de wethouder daarmee in een onmogelijke positie bracht.

      Wat mij betreft had hij vanwege dat feit (het niet uitvoeren van een motie) niet weg gehoeven. In Gele Kaart schreef ik, geef hem een reprimande (vanwege het niet volledig informeren van de raad) en geef hem het geld waar hij om vraagt. Er is geen alternatief.

      Maar ik betwijfel of dat nu nog mogelijk is.

      Tot slot dit, het is inderdaad niet je verantwoordelijkheid dat anderen halve waarheden vertellen. Maar het is wel je verantwoordelijkheid om ze signaleren en de betrokkenen te dwingen de hele waarheid te vertellen.

      Like

Reageer !

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s